Rechtdoen aan het Molukse verleden
Ter nagedachtenis aan de komst van Molukse militairen naar Nederland is zondag 21 juni 2026 aan de Lloydskade in Rotterdam het Nationaal Monument ‘Ulu Kora’ onthuld. Tijdens deze plechtigheid heeft Minister-president Rob Jetten namens de Staat der Nederlanden excuses gemaakt voor de behandeling van de eerste generatie Molukkers die in 1951 op dienstbevel naar Nederland kwamen.
Burgemeester Jacco van der Tak:
Ondanks het pijnlijke verleden vormt de Molukse gemeenschap een hecht en volwaardig onderdeel van de Barneveldse samenleving. Vorig jaar, op 21 juni, herdachten we samen in de Molukse kerk en op begraafplaats Plantage in Barneveld de dag dat de laatste boot in Nederland aankwam. Het was een emotionele plechtigheid bedoeld om te herdenken en om op een waardige manier uitdrukking te geven aan de vrijstelling van grafrechten voor de eerste en tweede generatie Molukkers.
Te lang zijn de excuses en de erkenning voor het leed van de 1e generatie Molukkers uitgebleven. Tot nu. Hoewel de herinneringen aan deze tijd voor de betrokkenen pijn doen en Molukse gezinnen het verdriet met zich meedragen van de familieleden die dit moment van officiële erkenning niet meer meemaken, is het ook 75 jaar na dato, belangrijk dat de regering excuses heeft aangeboden. Als erkenning voor het gedane onrecht en om samen, ook met de volgende generaties, verder te blijven bouwen aan vertrouwen en verbinding.
Achtergrondinformatie
Duizenden Molukse militairen in dienst van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) en hun gezinnen (circa 12.500) werden in 1951 gedwongen naar Nederland overgebracht. Met amper een voet op de Nederlandse kade werden de militairen ontslagen. Veel Molukse gezinnen werden ondergebracht in (concentratie)kampen en voormalige kazernes, waaronder in De Biezen in Barneveld waar zij in sobere en geïsoleerde omstandigheden leefden. Het tijdelijke karakter van hun verblijf veranderde in een langdurige situatie zonder duidelijk toekomstperspectief.