Toespraak Dodenherdenking 2026 'Onschuldig leren kijken’
Toespraak 4 mei 2026
Het gesproken woord geldt
Waarvan bent u nog onder de indruk? Dreigende taal door onvoorspelbare wereldleiders. Bommen en drones die inslaan. Lichamen die worden weggesleept. Verwoeste huizen, honger, ziekte. Wanhoop op gezichten van mensen… Ver weg van ons vandaan. Zijn we ervan onder de indruk of schept de afstand, afstandelijkheid?
Mag ik u en jou vragen? Waar ligt u, lig jij nog wakker van?
Ik begrijp het niet, zegt ze zacht. Een mevrouw die haar verjaardag viert. Haar 100e verjaardag. Ik begrijp het niet, die onverdraagzaamheid.
Hoe we met elkaar omgaan... Moet je kijken hoe we leven, wat we hebben. Wat is er mis met dankbaarheid. Iets over hebben voor elkaar. Ik bègrijp het gewoon niet.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog bracht ze een verzetskrant rond. Haar ouders vroegen haar dat te doen. Ze vertelde het aan niemand. Dat was verstandiger. ‘Het leerde me al jong onschuldig te kijken’, zo vertelde ze. Want opvallen wilde je in die tijd niet. Zeker niet bij Nazi’s die op patrouille waren.
Onschuldig leren kijken.
Maar wat als je als militair in een oorlogsgebied terechtkomt? Hoe kijkt een militair? Onschuldig of waakzaam?
Hoe moedig is het wanneer je, ver van huis, vecht voor de vrijheid voor een ander. Dat je in 1945 vanuit Canada terechtkomt in Barneveld. Soldaten, vaak nog erg jong, in de bloei van hun leven. Met plannen voor de toekomst.
Vooraf wisten ze niet wat hen te wachten stond of hoe het eraan toeging aan het front. Waakzame soldaten die snel hun onschuldige blik zouden verliezen op meer dan 6.000 kilometer afstand van thuis.
Moedig is het. Dat je de wereld medemenselijkheid en vrede gunt. Niet wetend of je het gaat overleven of dat de oorlog zal eindigen in een vreedzamere wereld.
Het naziregime hield tijdens de Tweede Wereldoorlog ons land en vele mensen 5 jaar lang in zijn onmenselijke greep. Zoals de Joodse familie Happ: vader Karl, moeder Lotti, zoon Gunther en dochter Marianne. In 1941 wonen ze in Gouda. De anti-Joodse maatregelen stapelen zich in hoog tempo op. Naar school gaan en zwemmen in het openbare zwembad was verboden terrein geworden en de familie wordt verplicht om een Jodenster te dragen. Als de eerste trein naar Auschwitz vertrekt en de Duitsers razzia’s gaan houden, besluit het gezin op 6 augustus 1942 onder te duiken.
Ze vluchten. Van Gouda naar Garderen. En duiken onder bij dr. Kruimel. Bij Ome Joop. Daar leek het veilig.
Het leek… Want in 1943 werden het echtpaar en hun zoon Günther opgepakt. Nog geen maand later werden ze op 2 juli 1943 vermoord in Sobibor. Alleen dochter Marianne wist via de achterdeur te ontvluchten. Als enige van het gezin en dankzij hulp van het verzet overleefde Marianne als ‘Nel van Dam’ de oorlog.
Dat maakt je toch stil? Stil vanwege het gruwelijke van de oorlogsjaren. Stil vanwege het onrecht wat zoveel mensen is aangedaan. Stil vanwege de miljoenen levens die de Holocaust gekost heeft.
Haat en uitsluiting hadden vernietigende gevolgen in het verleden. Hebben dat ook vandaag. Leven we nu nog in vredestijd of vredig?
Zien we het leed van anderen ver weg en zien we de ander dichtbij als mens? En bent u, ben jij iemand die de vrede dichterbij brengt? Vredestichter zijn, dat begint met het ontdekken wat oorlog echt is en wat het doet.
De zon zakt weg in het zand. Zijn wieg stond in het Perzische Shiraz, in Iran. Reza is 16 jaar. Onbevangen, welbespraakt. Een jongen met bedenkingen over wat eerlijk is en hoe de dingen eraan toegaan in zijn land. In zijn onbevangenheid spreekt hij zich uit bij ‘vrienden’ en wordt daarna door het onderdrukkende regime ‘schuldig’ bevonden. Wat als daardoor je leven in gevaar komt. Je niet er zeker van kan zijn of je dat overleeft. En daardoor weg moet. Alleen. Naar een ander land.
Een land zonder zon die wegzakt in het zand. Leven in onvrijheid geeft dezelfde beklemming als oorlog zelf. Reza leeft vandaag in Barneveld.
In een wereld die steeds sneller oordeelt, is ‘onschuldig leren kijken’ iets wat moed vraagt. We zijn gewend om direct een mening te vormen, te verklaren, te weten. Maar echte aandacht begint niet bij weten. Het begint bij kijken.
‘Onschuldig leren kijken’ vraagt dat we even een pas op de plaats maken. Dat we onze aannames loslaten en onze blik openen. Dat we niet meteen willen begrijpen, maar eerst willen zien.
Niet om te bevestigen wat we al denken, maar om ruimte te maken voor wat zich aan ons toont. En hoe je kijkt, bepaalt vervolgens of en hoe je handelt.
Een jong meisje met een stapel illegale kranten in haar tas, de hoop levend houden op vrijheid.
Een Canadese soldaat in een volstrekt vreemd land vechtend voor vrede.
Een zorgende dokter die zijn huis als schuilplaats aanbiedt.
Een 16-jarige jongen die voor zijn leven moet vrezen en zijn land verlaat om een veilig thuis te vinden.
Hoe kijken we? Kijken we met aandacht om scherp te kunnen zien? Het is het begin van een breuk in onze onverschilligheid.
Het is het begin om niet langer onze ogen te sluiten voor wat er gaande is. We liggen wakker van het leed van een ander. Ver weg en dichtbij. Situaties worden geen problemen die opgelost moeten worden, maar verhalen die gehoord mogen worden. Als we zo denken, dan verandert dat iets fundamenteels. We luisteren beter. We kijken zorgvuldiger. En we ontdekken dat achter wat zichtbaar is, vaak iets kwetsbaars, iets menselijks schuilgaat. Het is geen wegkijken van pijn of complexiteit. Het is de erkenning dat wij niet alles weten, en dat dát geen zwakte is, maar wijsheid.
Wie oppervlakkig kijkt, handelt oppervlakkig. Wie aandachtig kijkt, wordt verantwoordelijk.
Wie zo leert kijken, geeft bovendien ruimte. Ruimte om te veranderen. Ruimte voor ontmoeting. Ruimte voor gedeelde vrijheid. Ruimte om verzet te bieden tegen onrechtvaardigheid. Ruimte om mens te zijn.
Dat is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid, zodat onmenselijk handelen - waar dan ook - geen kans krijgt om zoveel schade in de levens van mensen aan te richten.
Laten we de hoop op leven in vrijheid, vrede en veiligheid levend houden en bestrijden dat ogen worden gesloten voor menselijke waardigheid.
En daarom staan we vandaag stil. Om te herdenken. Om opnieuw te leren kijken, aandachtig te leren kijken zodat we menselijke waardigheid nooit (meer) uit het oog verliezen.